Mc.12,28b-34 (13/03/2026)
28 Er kwam een schriftgeleerde bij hem die vroeg:
“Wat is de eerste wijzing [het voornaamste gebod] van alle wijzingen [geboden]?”
29 Jezus antwoordde hem:
“De eerste van alle wijzingen is:
Luister, Israël,
de Heer is onze God, de Heer is één.
30 Je zult de Heer je God daad-werkelijk liefhebben,
uit geheel je hart, uit geheel je geest,
uit geheel je verstand en uit geheel je kracht. [Deut.6,4-5]
Dit is de eerste wijzing.
31 De tweede, gelijke, is:
Je zult wie jou nabij komt
daad-werkelijk liefhebben als jezelf. [Lev.19,18]
Een andere wijzing, groter dan deze, is er niet.”
32 De schriftgeleerde zei hem nu:
“Goed, meester, het is waar wat je zegt:
God is één en er is geen ander behalve hem,
33 en hem daad-werkelijk liefhebben
uit geheel je hart, uit geheel je geest,
uit geheel je verstand en uit geheel je kracht,
en wie je nabij komt daad-werkelijk liefhebben als jezelf,
dat is méér dan alle brandoffers en andere gaven.”
34 Jezus zag dat hij wijs had geantwoord en zei hem:
“Je bent niet ver van het koningschap van God.”
En niemand durfde hem nog een vraag stellen.
Wanneer een jood zijn ‘talit’ (gebedssjaal) omdoet en de ‘tzitzit’ (de franjes) ziet — acht draden, vijf knopen — herinnert hij zich de 613 geboden die, volgens de Talmoed, aan Mozes werden toevertrouwd. Zoveel woorden, zoveel wegen waardoor vanzelf de vraag opduikt: wat is het belangrijkste?
En deze vraag komt naar ons terug: wat is voor jou het belangrijkste in het leven?
Wanneer men ze aan Jezus stelt, antwoordt hij eenvoudig: luisteren en beminnen. En daarbij verbindt hij de liefde tot G-d aan de liefde tot de mens. G-d liefhebben met heel je hart, je ziel en je verstand — en daaraan gelijk: je naaste liefhebben als jezelf. Ze zijn één beweging en de basis daartoe is Luisteren. “Luister, Israël…” Het eerste is luisteren: je openen, aandachtig worden, je laten raken. Daar begint alles.
Wie werkelijk luistert, leert beminnen. En wie bemint, draagt het wezenlijke reeds in zich.

