Mt.11,25-30 (5/07/2026) 

25     Ook in die tijd zei Jezus:
       “Ik prijs en dank je, vader, heer van hemel en aarde,
       dat je deze dingen verborgen hebt
       voor [eigenmachtige] bekwamen en verstandigen
       en ze onthuld hebt
       voor [onmachtige] onmondigen.
26     Ja, vader, zo heb jij het goed bevonden voor jouw gelaat.
27     Alles is mij door mijn vader toevertrouwd,
       en niemand weet wie de zoon is, behalve de vader,
       en niemand weet wie de vader is, behalve de zoon
       en aan wie de zoon het wil onthullen.
28     Kom naar mij,
       allen die vermoeid bent en onder lasten gebukt,
       en ik zal je rust geven.
29     Neem mijn juk op:
       laat mij je leermeester zijn
       – zachtaardig en deemoedig van hart,
       en je zult rust vinden in jezelf.
30     Want mijn juk is teder
       en mijn last is licht.

Een gebed en een uitnodiging volgen hier meteen op elkaar. Dat lijkt geen toeval. Jezus spreekt eerst tot de Vader en pas daarna tot de mensen. Zo vertrekt zijn spreken noch bij zichzelf, noch als antwoord op wat mensen denken nodig te hebben, maar vanuit verbondenheid.
Vanuit die verbondenheid zegt hij: “Kom naar mij.” Zijn uitnodiging klinkt eenvoudig: Verbind je met mij. Blijf niet alleen onder wat zwaar is.
Hij gebruikt hiervoor het beeld van het juk dat toch wel vreemd klinkt in moderne oren, en toch is het positief bedoeld: een juk verdeelt het gewicht. Het heft de zwaarte van het leven niet op, maar maakt dat je het niet alleen draagt.
Misschien is dat de rust waarover Jezus spreekt: niet een leegte zonder last, maar een manier van leven waarin je niet voortdurend jezelf hoeft waar te maken; een leven waar zachtheid geen zwakte is en vertrouwen geen naïviteit. En misschien gebeurt er dan iets stil en onopvallend: dat ook in ons zachtheid groeit, en deemoed — niet als prestatie, maar als iets dat ontstaat wanneer je rust vindt in verbondenheid.

Het onderweghuis

logo
  Het Onderweghuis
  Grote Baan 121
  2235 Hulshout
  BE47 9796 4400 0280