Psalm 47
Psalm 47
Alle volkeren, kláp in de hànden,
juich voor Gód een vrèugdelied!
Want koning is God over héel de àarde;
alle volkeren zijn Hèm onderwórpen.
Hij koos voor élk een eigen lànd.
Met tróts zijn wij door Hem bemìnd.
Wij verheffen Hem met lúid gejùich,
onze God, met geschàl van bazúinen.
Zing voor de Heer, zíng hem lòf!
Zing voor onze kóning, zìng!
Want koning is God over héel de àarde.
Zing ons een ìnwijdend líed.
In heiligheid leidt Hij het léven van àllen.
De edelmoedigen verzámelen zich voor Hèm
en worden het volk van Ábrahams Gòd,
Hem – de hòogste – tot heráut!
Gezongen door zuster Godeliph (St.-Trudoabdij) met citerbegeleiding
Aanzet Psalm 47
Een korte psalm deze maand, maar daarom niet minder appellerend. Ik kan er nog heel wat van leren!
Wat een vertrouwen, wat een enthousiasme klinkt doorheen heel deze psalm. Het is geen ingetogen, binnensmonds gemurmel. Integendeel:
“Klap in de handen!”
“Juich voor God een vreugdelied!”
Alsof deze psalm ons wakker wil schudden: sta op, laat je stem horen, durf te leven vanuit vertrouwen, vanuit vreugde.
En dat schuurt. Kan dat wel? Durf ik dat te doen in een wereld die voelt als een chaotisch schaakbord, waar met mensenlevens wordt geschoven, waar mensenlevens niets waard lijken te zijn voor gezagsdragers, waar het nieuws ons overspoelt met oorlog, crisis en verdeeldheid? Waar we de verbinding met de natuur helemaal dreigen kwijt te raken, …
Niet alleen omwille van die wereld maar ook in mij leven twijfels en vragen, is het vaak een gewroet en geworstel om een leven uit te bouwen dat Leven geeft aan mezelf en aan anderen.
En toch is het daar, in die wereld, in ons dat deze psalm mag klinken. Niet als goedkope troost, maar als een ander perspectief:
“Want koning is God”
“Met trots zijn wij door Hem bemind.”
Geen koning, president of heerser zoals wij ze kennen. Geen heerser ver weg, niet onbewogen, maar betrokken — een G-d die draagt wat wankelt en mensen bijeenbrengt. Een heerser met een koningschap zonder grenzen, over héél de aarde.
De psalmist heeft waarschijnlijk voor zich het beeld van een feestelijke optocht, muziek die opstijgt, bazuinen die de lucht vullen. De ark wordt naar de Sion gedragen onder luid gejuich, muziek en bazuingeschal, en midden in dat alles neemt G-d zijn plaats in — te midden van het gejubel van zijn volk.
En wat dan nu? Nu alle processies langzaamaan verdwijnen, nu de wereld niet meer lijkt te kiezen voor een heerser als G-d? Wat hebben we, hier en nu aan een psalm als deze?
Mag hij rust brengen midden de chaos?
Als we deze psalm uit volle borst meezingen, erkennen we dat het niet de chaos is die regeert, maar G-d. Door luidkeels te zingen, overstemmen we de twijfel en weigeren we ons over te geven aan moedeloosheid. Zingen niet als een vlucht uit de chaos, maar als verzet. Het doorbreekt de greep van angst. En dat geeft ademruimte.
Daarbij maakt deze psalm mij ook duidelijk dat wij niet alles hoeven te dragen, niet alles hangt van ons af. De wereld ligt niet alleen in onze handen, wij zijn ‘mede’scheppers.
Zou hij grenzen kunnen doorbreken?
Deze psalm nodigt me alvast uit om verder te kijken dan één volk. Hij laat een veelheid van stemmen klinken die samenkomen in één lofzang.
Gods koningschap kent geen muren, geen grenzen, geen strenge migratieprocedures. Iedereen wordt uitgenodigd — ook wie arm is, ook wie zoekt, ook wie twijfelt, ook wie bang is, ook wie een andere cultuur beleeft.
In de christelijke traditie klinkt deze psalm op Hemelvaart: Christus die terugkeert naar de Vader. Hij heeft op aarde rondgelopen en weet wat het is om mens te zijn, om te twijfelen, om pijn te hebben, onbegrepen te zijn …. Geen verre heerser dus, maar iemand die vertrouwd is met onze dagelijkse realiteit, het mens-zijn kent van binnenuit. Dat maakt zijn koningschap groot én nabij.
Het is een psalm die vraagt om een antwoord: zing!
Vijf keer klinkt de oproep: zing. (Zingen is immers twee keer bidden)
Mensen zing, niet omdat alles licht, vrolijk en oppervlakkig is, maar omdat zingen licht kan brengen. Het richt je blik, schept ruimte en het herinnert je eraan dat G-d groter is dan wat ons overweldigt.
Tot besluit kan ik alleen maar vaststellen dat deze psalm geen perfect geloof vraagt.
Alleen dit: vertrouwen, en de moed om mee te doen.
Dus als je het even niet meer weet:
haal adem —
en zing.
Niet omdat alles duidelijk is,
maar omdat G-d Koning is.
Omdat hij betrokken is
op deze wereld,
en op jou.

