Joh.7,40-53 (21/03/2026)
40 Sommigen die deze woorden hoorden, zeiden:
“Hij is waarlijk de profeet!” [= de profeet die Mozes had aangekondigd]
41 Anderen zeiden:
“Hij is de Gezalfde!” [Christos / Messiah]
Maar nog anderen zeiden:
“De Gezalfde komt toch niet uit Galilea!?
42 Zegt de Schrift niet dat de Gezalfde zal komen
uit de nakomelingen van [koning] David
en uit Betlehem, het dorp waar David vandaan kwam?”
43 Zo ontstond er onenigheid onder het volk om hem.
44 Sommigen wilden hem grijpen,
maar niemand kon beslag leggen op hem.
45 Zo kwamen de gerechtsdienaars bij de hogepriesters en farizeeën
en die zeiden tegen hen:
“Waarom heb je hem niet meegebracht?”
46 De dienaars antwoordden:
“Nog nooit heeft een mens gesproken
zoals deze mens!”
47 De farizeeën antwoordden daarop:
“Jullie zijn toch ook niet aan het dwalen geraakt?!
48 Niet één van de oversten of van de farizeeën
heeft toch in hem vertrouwen gesteld?
49 Maar alleen die meute, die de wet niet kent
– vervloekt zijn ze!”
50 Nikodemus, één van hen,
die eerder al ’s nachts bij Jezus was gekomen,
zei hen:
51 “Onze wet veroordeelt toch geen mens
zonder hem eerst te hebben gehoord
en kennis te hebben van wat hij doet?”
52 Ze antwoordden hem:
“Jij komt toch ook niet uit Galilea?!
Zoek het maar op,
en je zult zien dat er uit Galilea geen profeet opstaat!”
53 Toen vertrok iedereen naar huis.
Galilea was strikt genomen geen buitenland. Het lag in het noorden, terwijl de hoofdstad, Jeruzalem, in het zuidelijke Judea lag. Beide landsdelen hadden – weer eens o zo menselijk en van alle tijden – nogal cliché-gedachten over elkaar. En alweer van alle tijden: cliché-gedachten belemmeren de mensen te zien zoals ze zijn en wat ze werkelijk kunnen betekenen!
En aangezien het van alle tijden is: hoe zit het dan met ons vandaag? Kunnen wíj (h)erkennen dat er “heil komt uit Galilea”? Kunnen wij open genoeg kijken naar mensen om te zien dat ze Go(e)ds te bieden hebben, ook als we dat niet onmiddellijk van hen zouden verwachten?
T.a.v. buitenlanders is dit in ons land ongetwijfeld vaak een probleem! In welke mate ga ik hierin mee, of durf ik de confrontatie aan met mensen die cliché-matig denken en spreken? Maar het gaat niet alleen over mensen met letterlijk een vreemde origine, we stellen dit soort denken en gedrag ook t.a.v. mensen die anders denken dan wij, op een andere manier wonen of leven, die er wat anders uitzien, … en ga zo maar door.
Kan ik zien wat ís, i.p.v. vast te hangen aan clichés? Als ik die niet kan loslaten, zal ik nooit ‘het heil’ zien!

