Lc.1,57-66.80 (24/06/2026)
57 Voor Elisabet brak de tijd aan van de bevalling
en zij bracht een zoon ter wereld.
58 De omwonenden en haar verwanten hoorden
dat de Heer grote tederheid aan haar had getoond
en zij verheugden zich, samen met haar.
59 Op de achtste dag kwamen ze het jongetje besnijden
en noemden het naar zijn vader Zacharias.
60 Maar zijn moeder zei:
“Nee! Het zal genoemd worden: Johannes!”
61 Ze antwoordden haar:
“Maar er is niemand in jouw familie
die deze naam draagt.”
62 Ze wenkten nu zijn vader,
hoe hij zou willen dat het genoemd werd.
63 Hij vroeg een schrijfplankje en schreef:
“Johannes is zijn naam!”
En allen verwonderden zich.
64 Onmiddellijk kon hij weer spreken
en hij zegende God.
65 Huiver overkwam alle omwonenden
en in heel het bergland van Judea werd dit besproken.
66 Al wat men hoorde, sloot men in het hart:
“Wat zal er toch van dit jongetje worden?”,
want de hand van de Heer was met hem.
80 Het jongetje groeide op
en werd gesterkt in de geest.
Hij verbleef op eenzame plaatsen
tot de dag dat hij zich aan Israël bekend maakte.
In de liturgie wordt de geboorte van Johannes de doper gevierd als een hoogfeest. Dat is de op een na hoogste categorie van vieringen (na de ‘dubbelfeesten’ zoals Kerstdag, Pasen en Pinksteren die 2 dagen gevierd worden). In de nuchtere realiteit van ons dagelijks leven … denken we er amper aan!
Nochtans zou er van Jezus en zijn boodschap niet veel geworden zijn zonder de voorlopers – hier even in het meervoud, omdat je daar wellicht alle profeten, Johannes op kop, mag onder rekenen. Als de weg niet geëffend en ‘bereid’ wordt – vooral dan in het hart van de mens – zal er weinig ruimte zijn om die boodschap te ontvangen.
Als wij vandaag de indruk hebben dat er niet veel ruimte is voor Jezus(’s boodschap), dan is dat misschien omdat wij, zijn ‘voorlopers’, niet veel wegen daartoe hebben bereid?! De weg bereiden vraagt immer net níet vast te hangen aan het verleden, maar ongebaande wegen te durven gaan, met alleen onze verbinding met G-d als kompas.
Vandaag kunnen we starten met die voorloper te vieren … én na te volgen.

