Lc.4,38-44 (2/9/2026)
38 Nu stond hij op uit de plaats van samenkomst [synagoge]
en ging binnen in het huis van Simon.
De moeder van Simons vrouw was bevangen door hoge koorts
en zij vroegen hem om haar heen.
39 Hij ging over haar heen gebogen staan
en sprak de koorts streng toe.
Die liet haar los
en op hetzelfde ogenblik stond zij op en bediende hen.
40 Toen de zon onderging
brachten de mensen al hun zieken met allerlei kwalen naar hem toe.
Bij één-ieder van hen legde hij de handen op, wat hen genas.
41 Uit velen gingen ook demonen weg,
die schreeuwden: “Jij bent de zoon van God!”
Hij sprak hen streng toe en liet hen niet toe te spreken,
omdat zij wisten dat hij de Gezalfde [Christos/Messias] was.
42 Toen het dag werd,
trok hij weg naar een verlaten plaats.
Een menigte mensen zocht hem.
Ze kwamen naar hem en hielden hem tegen van hen weg te gaan.
43 Hij zei tegen hen:
“Ik moet ook aan andere steden de bevrijdende boodschap verkondigen [euangellion] van het koningschap van God,
want daartoe ben ik gezonden.
44 En hij ging verkondigen
in de plaatsen van samenkomst van Judea.
Jezus laat er geen twijfel over bestaan dat zijn bevrijdende boodschap op heel uiteenlopende manieren – daarmee loop ik al wat vooruit op morgen 😊 – vorm kan krijgen in ons dagelijks leven. Eén van die wegen is de weg van de concrete, fysieke nabijheid. Het gaat erom de ander écht te zien in zijn kwetsbaarheid, hem stilzwijgend te omarmen, de handen op te leggen en aanwezig te zijn in al hun nood.
Tegelijkertijd vraagt deze weg ook de nodige moed om daadwerkelijk op te staan tegen alles wat een mens neerdrukt! Met een stem die onverzettelijk en streng is, roept Jezus halt toe aan de demonen (of tegenkrachten zoals wij ze hier vaak noemen), zodat deze als het ware niet anders kunnen dan de mens los te laten en te verdwijnen. Jezus maakt hierin een scherp onderscheid: hij veroordeelt nooit de mens, maar verzet zich wel tegen datgene wat hem gevangen houdt.
Ook vandaag klinkt nog steeds de roep van mensen in nood. Nog steeds verlangen mensen naar rust en heling. Dus nog steeds is het zinvol om de bevrijdende boodschap te blijven verkondigen. Aan ons om er mee door te gaan, ieder op zijn manier.

