Mc.12,1-12 (1/06/2026)

1      Jezus begon tegen hen [de Joodse leiders] in gelijkenissen te spreken:
       “Er was eens een huisheer die een wijngaard aanlegde.
       Hij zette er een omheining rond,
       groef er een perskuip uit
       en bouwde er een wachttoren.
       Toen verhuurde hij hem aan wijnbouwers
       en vertrok naar het buitenland.
2      Op de gunstige tijd zond hij een dienaar naar de wijnbouwers
       om zijn deel van de oogst in ontvangst te nemen.
3      Ze namen hem echter vast, sloegen hem
       en zonden hem met lege handen weg.
4      Opnieuw zond hij een dienaar naar hen,
       maar die verwondden ze aan het hoofd
       en vernederden hem.
5      Weer een andere zond hij,
       maar die doodden zij,
       en ook nog vele andere,
       waarvan ze sommigen sloegen en anderen doodden.
6      Nu had hij alleen nog zijn geliefde zoon.
       Als laatste zond hij ook hem naar hen,
       denkend dat ze door zijn zoon tot inkeer zouden komen.
7      De wijnbouwers zeiden echter onder elkaar:
       “Dat is de erfgenaam!
       Vooruit, laten we hem doden
       en zijn erfenis in bezit nemen.”
8      Ze grepen hem dus vast,
       doodden hem
       en wierpen hem buiten de wijngaard.
9      Wat zal de heer van de wijngaard nu doen?
       Hij zal komen om die wijnbouwers te doden
       en de wijngaard aan anderen geven.
10     Herkennen jullie het Schriftwoord niet?
       De steen door de bouwers afgekeurd,
       die steen is hoeksteen geworden.
11     Dat is het werk van de heer,
       een wonder is het in onze ogen.” [Ps.118,22-23]
12     Ze zochten hem te grijpen,
       maar ze waren bang voor het volk.
       Ze begrepen immers dat hij deze gelijkenis had verteld
       met hun op het oog.
       Ze lieten hem en gingen weg.

Wellicht lezen wij dit Evangelie te gemakkelijk alsof wij die ‘anderen’ zouden zijn, aan wie het Rijk Gods gegeven is nadat ‘de Joden’ het verworpen zouden hebben. We lezen het ongetwijfeld juister als we onszelf in de schoenen – en de oren – van ‘de Joodse leiders’ plaatsen, en ons de vraag stellen of wij zélf wel de vruchten van wat ons in handen is gegeven afdragen.
De vervolgvraag daarbij is overigens voor onze tijd niet onbelangrijk: Als Christenen vandaag maar erg flauwtjes vruchten dragen, wie zouden dan die ‘anderen’ vandaag zijn? Net zoals in Jezus’ tijd zijn er mensen die misschien niet helemaal in het eigen plaatje passen, maar wel op een verrassende manier dat Rijk Gods wáár maken! Van hén zouden wij veel te leren hebben!
Het is ‘evangelie’ de vraag te durven stellen waar wij ‘Rijk Gods’ zien gebeuren buiten de muren van onze kerk!

Het onderweghuis

logo
  Het Onderweghuis
  Grote Baan 121
  2235 Hulshout
  BE47 9796 4400 0280