Mt.23,1-12 (3/03/2026)

1      Vervolgens sprak Jezus de menigte en zijn leerlingen toe:
2      “De schriftgeleerden en farizeeën zetten zich op de leerstoel van Mozes.
     Neem dus in acht en doe alles wat ze jullie zeggen,
       maar handel niet naar hun daden,
       want zij zeggen het wel, maar doen het niet.
     Ze binden zware lasten bijeen
       en leggen die op de schouders van de mensen,
       terwijl ze zelf ze met geen vinger verroeren.
     En de werken die ze doen,
       doen ze om zich te tonen aan de mensen.
       Ze maken hun gebedsriemen breed
       en de kwasten van hun mantel groot.
       [Beide waren uiterlijke symbolen van Godsverbonden leven;
       de wet bepaalde echter niet hoe groot die waren.]
     Ze hebben graag de voornaamste plaatsen
       bij maaltijden en in de samenkomsten [synagoge];
     ze hebben graag dat ze op de markt worden begroet
       en dat ze door de mensen rabbi [mijn meester] worden genoemd.
     Jullie echter moeten je geen rabbi laten noemen,
       want jullie hebben maar één leermeester,
       terwijl jullie allemaal broers en zussen zijn.
     Noem niemand op aarde jullie Vader,
       want jullie hebben maar één Vader,
       de Vader in de hemelen.
10     Laat je ook geen leermeester/leider noemen,
       want jullie hebben maar één leermeester/leider,
       de Gezalfde [christos/messiah].
11     Maar de grootste onder jullie zal je dienaar zijn.
12     Wie zichzelf verheft, zal klein worden,
       en wie zichzelf klein maakt, zal verheven worden.”

Hier worden kenmerken zichtbaar van goed en betrouwbaar leiderschap: woorden die gedaan worden, bewogenheid, de naaste worden, nederigheid; bevragen, ja – maar niet overvragen. Waar dat ontbreekt, verstikt macht in eigen eer en aanzien. Dat zag je bij de leiders die Jezus ontmoette – en het is vandaag niet anders, in de wereld én in kerk, misschien zelfs in mij.
Durven wij luisteren wanneer de waarheid ons raakt? Kunnen wij de spiegel verdragen zonder ons terug te trekken of ons te verdedigen?
In Jezus komen waarheid en liefde samen. Hij spreekt scherpe woorden – omwille van de kwetsbare ander. Dat ‘omwille van’ is het criterium: wie niet spreekt uit eigen belang, maar uit liefde voor de ander, verdient gehoor, hoe pijnlijk ook.
“Wie zichzelf verhoogt, zal vernederd worden,” zegt hij. Niemand van ons bezit dé waarheid, dé macht, hét oordeel. Gezag dragen begint met nederigheid. Nederigheid begint met willen luisteren. Het is een luisteren dat gehoor geeft aan die Stem in ons

Het onderweghuis

logo
  Het Onderweghuis
  Grote Baan 121
  2235 Hulshout
  BE47 9796 4400 0280