Lc.1,67-80 (24/12/2025)
67 Zijn vader Zacharias werd vervuld van heilige geest
en sprak profetisch uit:
68 “Gezegend de Heer, de God van Israël,
want hij heeft daad-werkelijk omgezien naar zijn volk
en het verlossing bereid.
69 Hij heeft voor ons een bevrijdende kracht gewekt
uit het huis van David, zijn Dienaar,
70 zoals hij het van oudsher had gezegd
bij monde van zijn heilige profeten:
71 Bevrijding van onze weerstrevers
en uit de handen van al wie ons haten
72 – en zo tederheid te tonen over onze vaders
en indachtig te zijn zijn heilig verbond,
73 de eed die hij aan Abraham had gezworen –
74 zodat wij onbevreesd hem zouden dienen,
gered uit de handen van onze weerstrevers,
75 in heiligheid en integriteit voor zijn aangezicht,
al de dagen van ons leven.
76 En ook jij, jongetje,
zult profeet van de Allerhoogste worden genoemd.
Want je zult voor de Heer uitgaan
om zijn wegen te bereiden;
77 om zijn volk bekend te maken met zijn bevrijding
in de vergeving van hun zonden,
78 door de innige tederheid van onze God
waarmee hij daad-werkelijk naar ons heeft omgezien
– stralend licht uit den hoge,
79 dat verschijnen zal
aan al wie zitten in duisternis
en schaduw van de dood –;
en om onze voeten te richten
op een weg van vrede.”
80 Het jongetje groeide op
en werd gesterkt in de geest.
Hij verbleef op eenzame plaatsen
tot de dag dat hij zich aan Israël bekend maakte.
Johannes werd de ‘voorloper’, de wegbereider van Jezus, de Messias. Hij werd de belichaming van de verwachting van de terugkomst van de profeet Elia die een nieuwe heilstijd zou inluiden. Hij werd een scharnier tussen verleden en toekomst, tegelijk helemaal in lijn met de traditie waaruit hij komt én iets radicaal nieuws aanwijzend.
Grote woorden … over een klein jongetje …!
Zouden wij zoiets durven uitspreken over een baby? Zouden we het zelfs maar durven denken? Zouden we het zelfs maar durven hopen? Hopen we wel iets? Durven we nog geloven in een nieuwe toekomst – zelfs als we “oud en op jaren” zijn, zoals Zacharias en Elisabeth? (Of moet je juist “oud en op jaren” zijn óm het te zien?)
Misschien niet even verstrekkend – alhoewel – als Johannes de doper, maar élk kind is zo’n scharnier tussen verleden en toekomst, elk kind is de drager van hoop op iets nieuws! Dát lijdt geen twijfel … maar blijkbaar wel of ík dat durf te zien!

