Lc.2,22-35 (29/12/2025)

22    Toen de dagen van hun reiniging vervuld waren
      [40 dagen na de geboorte],
      brachten zij hem naar Jeruzalem
      – volgens de wet van Mozes [Lev.12,1-8]
      om hem voor te stellen aan de Heer.
23    – Zoals geschreven staat in de wet van de Heer [Ex.13,2-15]:
      Al het eerstgeborene van het mannelijk geslacht
      moet aan de Heer worden toegewijd. –
24    en om – volgens de wet van de Heer –
      de offerande te brengen:
      een koppel tortels of twee jonge duiven. [= zoals voor armen was bepaald]
25    Kijk!
      In Jeruzalem woonde iemand die Simeon heette.
      Hij was een rechtvaardige en een toegewijd gelovige man
      die uitzag naar de vervulling voor Israël [de messias]
      en de heilige Geest was met hem.
26    Het was hem door de heilige Geest geopenbaard
      dat hij niet zou sterven
      voor hij de gezalfde van de Heer [christos/messiah] zou hebben gezien.
27    In die geest kwam hij naar de tempel
      en toen zijn ouders de boreling Jezus binnenbrachten
      om de gewoonten van de wet aan hem te voltrekken,
28    ontving ook hij het in zijn armen.
      Hij loofde God en zei:
29    “Nu maak jij je dienaar vrij, in vrede, meester
      – volgens jouw woord.
3   Want mijn ogen hebben jouw bevrijding gezien
31    die jij bereid hebt voor alle volken:
32    een licht,
      tot verlichting van de volken
      en tot heerlijkheid van jouw volk Israël.”
33    Zijn vader en moeder stonden verwonderd
      over wat er van hem werd gezegd.
34    Simeon zegende hen
      en zei tegen Maria:
      “Kijk! Deze ligt hier
      tot val en opstanding van velen
      en tot teken dat weersproken wordt,
35    zodat de innerlijke overwegingen van velen
      aan het licht zullen komen.
      – En ook je eigen ziel
       zal door een zwaard worden doorboord.”

Dit stukje Evangelie bulkt van de verwijzingen naar ‘de wet van Mozes’. Zowel Jozef en Maria als Simeon leven helemaal naar de gebruiken van hun (Joodse) geloof, en zijn duidelijk ook van plan dat aan hun kind door te geven, ’t is te zeggen: voor te leven. Je zou hen dus eigenlijk ‘traditionele gelovigen’ kunnen noemen, in de goede zin van dat woord.
Binnenin deze traditionele beleving gebeurt er echter iets nieuws. Iets níeuws? In zekere zin toch niet. Dat nieuwe ligt helemaal in lijn met de traditie, maar blijkbaar ziet niet iedereen dat zo. Traditie moet immers ‘gelezen’ worden, ’t is te zeggen: geleefd.
Het is een merkwaardige Bijbelse paradox – waar we wellicht nog veel van te leren hebben: Voor wie geworteld leeft in zijn/haar traditie, gebeurt iets nieuws – echter alleen voor wie met open ogen en open hart daarin leeft …

Het onderweghuis

logo
  Het Onderweghuis
  Grote Baan 121
  2235 Hulshout
  BE47 9796 4400 0280