Lc.7,11-17 (15/09/2026)
11 De volgende dag trok hij naar een stad die Naïn heet. [ca. 40km ZW van Kafarnaüm]
Zijn leerlingen en een grote menigte trokken met hem mee.
12 Toen hij de poort van de stad naderde,
– kijk! – werd er een overledene uitgedragen,
de enige zoon van zijn moeder
en zij was weduwe.
Een grote menigte uit de stad was bij haar.
13 Toen de Heer haar zag,
werd hij innerlijk diep bewogen om haar
en zei haar: “Ween niet.”
14 Hij kwam naderbij
en raakte de kist aan. [open kist/draagbaar onrein]
De dragers hielden halt.
Hij zei: “Jongeling, ik zeg je, sta op.”
15 De dode ging overeind zitten
en begon te spreken,
en hij gaf hem terug aan zijn moeder. [1Kon.17,23; cf. Joh.19,26-27]
16 Ontzag greep allen aan
en zij bleven God loven:
“Een groot profeet is onder ons opgestaan!” en
“God heeft daad-werkelijk omgezien naar zijn volk!”
17 Dit woord over hem
ging rond in heel Judea en omstreken.
Dit tafereel uit Jezus’ leven kunnen we moeilijk al te letterlijk transponeren naar onze tijd. Daarvoor zijn de tijden te anders geworden. Toch? Maar als Jezus vandaag door onze steden zou trekken, wat zou hij dan aan doodse taferelen opmerken? Hoeveel ouders in wanhoop zou hij aantreffen? Hoeveel jonge mensen meer dood dan levend?
Of ‘de menigte uit de stad’ nu ook aanwezig zou zijn om mee te treuren en het verdriet te helpen dragen, valt te betwijfelen – het maakt die dood alleen maar zwaarder …
En als Jezus dan door onze steden zou trekken en deze doodse stoet ontmoet, wat zou hij dan doen?
Hij zou innerlijk zeer diep bewogen raken, geroerd tot in zijn diepste ingewanden – de Bijbel gebruikt daarvoor een woord dat eigenlijk spreekt over … zijn baarmoeder! Al wat levengevend is in hem zou in opstand komen, en hij zou naar hen toe gaan, hen niet in de steek laten maar Aanwezig zijn, en de dood aanraken – hoe levengevend! En hij zou zeggen: “Sta op,” en het Léven zou overwinnen.
Wij kunnen als Christen, in zijn Naam, naar doodse mensen toegaan en Aanwezig zijn. En als wij de moed – en vooral het geloof/vertrouwen – hebben om die lange opstandingsweg met hen te gaan, dan zúllen wij zien dat doden overeind gaan zitten!

