Mt.6,7-15 (18/06/2026)

     Als je bidt, babbel er dan niet op los,
       zoals veel volkeren doen.
       Zij denken dat ze door hun veelheid aan woorden
       verhoord zullen worden.
     Doe hen niet na!
       Je Vader weet wat je nodig hebt
       nog voor je het hem vraagt.
     Bid als volgt:
       Onze Vader in de hemelen,
       geheiligd worde jouw Naam,
10     kome jouw koningschap,
       gebeure jouw bedoeling
       op aarde zoals in de hemel
11     Geef ons vandaag
       ons nodige brood
12     en vergeef ons onze schulden
       zoals ook wij onze schuldenaren vergeven,
13     en lever ons niet over aan de aanvechtingen,
       maar verlos ons van het kwade.
14     Want als je de mensen hun misstappen vergeeft,
       vergeeft je hemelse Vader ook jou;
15     maar als je aan de mensen hun misstappen niet vergeeft,
       vergeeft je hemelse Vader ook jou niet.

Het gebed begint in het meervoud: ‘onze’ Vader, niet zomaar ‘mijn’ Vader. Ook al is bidden iets persoonlijks, het is nooit iets particulier. Juist in het gezamenlijk gebed, juist in het besef dat mijn gebed samenklinkt met het gebed van de kerk, van Jezus zelf, schuilt een eigen waarde en betekenis.
Het raakt me wanneer tot me doordringt wat die Onze Vader-woorden niet allemaal betekend hebben voor mensen, al zovele eeuwen lang. Ze zijn gebeden in kleine en grote kerken. Ze zijn gebeden aan tafel thuis. Ze gaven – en geven nog steeds – mensen het gevoel dat er ‘een mantel van geborgenheid’ om hun leven ligt.
Ze hebben geklonken in isoleercellen, concentratiekampen en eenzame bedden. Ze hebben mensen ervan overtuigd dat, als er woorden waren, zij er ook nog waren; dat, als je iemand zo kunt aanspreken, je nooit helemaal alleen bent.

Het onderweghuis

logo
  Het Onderweghuis
  Grote Baan 121
  2235 Hulshout
  BE47 9796 4400 0280