Mt.11,28-30 (16/07/2026)
28 Kom naar mij,
allen die vermoeid zijn en onder lasten gebukt,
en ik zal je rust geven.
29 Neem mijn juk op:
laat mij je leermeester zijn
– zachtaardig en deemoedig van hart,
en je zult rust vinden in jezelf.
30 Want mijn juk is teder
en mijn last is licht.
“Zachtaardig en deemoedig van hart”: zo tekent Matteüs Jezus. In die woorden klinkt een stille, zachte kracht door die niet overheerst, maar draagt. Dat is een kracht die niet zoekt naar het eigen gelijk of de eigen plaats, maar ruimte maakt voor de a/Ander.
Wie deemoedig leeft, hoeft zichzelf niet voortdurend te bewijzen. Het hart wordt vrij om zich toe te keren naar G-d en van daaruit naar de naaste. Jezus nodigt uit om die weg met hem te gaan. “Mijn juk is teder en mijn last is licht”, zegt hij tot wie moe zijn en gebukt gaan onder het leven.
Hij neemt de last niet weg, maar leert haar anders te dragen. Hij wil ons laten ervaren dat de zwaarte van het leven lichter kan worden wanneer we die toevertrouwen aan zijn tedere liefde. Dan groeit er in de stilte een deemoedig hart dat niet om zichzelf cirkelt, maar rust vindt in G-d en een bron van vrede wordt voor anderen.

